Voordat u begint: Zie De benodigdheden voor het instellen van een thuisnetwerkals u wilt bepalen welk type netwerk u wilt opzetten of als u weten welke hardware en kabels u nodig hebt. Het desbetreffende onderwerp bevat informatie over de verschillende typen netwerken (ook wel netwerktechnologieën genoemd) en over de hardwarevereisten voor de afzonderlijke typen.
Als u eenmaal hebt bepaalt welk type netwerk u wilt gebruiken en als over de benodigde hardware beschikt, kunt u het netwerk opzetten. Dit proces omvat vier stappen (waarvan er twee niet in alle gevallen noodzakelijk zijn):
1.
De benodigde hardware installeren
2.
Een internetverbinding instellen (optioneel)
3.
Een verbinding tot stand brengen tussen de computers
4.
De wizard Een draadloze router of een toegangspunt instellen uitvoeren (alleen voor draadloze netwerken).
Elk van deze stappen wordt verderop in dit artikel uitgebreid besproken.
Stel eerst een computer op de juiste wijze in. Als u het netwerk eenmaal hebt geïnstalleerd en als u zeker weet dat de eerste computer correct werkt, kunt u aanvullende computers of apparaten toevoegen.
OpmerkingDeze informatie is speciaal bedoeld voor mensen die over een breedbandverbinding (meestal een DSL- of een kabelverbinding) met internet beschikken.
De hardware installeren
Installeer de netwerkadapters op de desbetreffende computers. (Volg de installatie-instructies in de documentatie die bij de afzonderlijke netwerkadapters is geleverd.)
Een internetverbinding instellen of controleren (optioneel)
U hoeft als u een netwerk wilt configureren niet over een internetverbinding te beschikken. Het merendeel van de gebruikers geeft er echter de voorkeur aan om het netwerk te gebruiken voor het delen van een internetverbinding. Als u een internetverbinding wilt instellen, moet u over een kabel- of een DSL-modem en een account bij een internetprovider beschikken. Open vervolgens de wizard Verbinding met internet maken en volg de instructies. Zie Wat heb ik nodig om verbinding te maken met internet? voor meer informatie.
Als u reeds over een internetverbinding beschikt, moet u controleren of deze correct werkt. Open hiertoe uw webbrowser en ga naar een website die u normaal gesproken niet bezoekt. (Als u naar een website gaat die u regelmatig bezoekt, zijn de desbetreffende webpagina's mogelijk reeds op uw computer opgeslagen, zodat deze zelfs wanneer er een probleem met de verbinding is toch correct worden weergegeven.) De verbinding werkt correct als de desbetreffende website wordt geopend en als er geen foutberichten worden weergegeven.
U kunt een internetverbinding ook delen tussen twee of meer netwerkcomputers. U moet hiertoe een speciaal apparaat gebruiken of Internetverbinding delen (ICS) instellen. Uw internetprovider brengt mogelijk extra kosten in rekening voor meervoudige internetverbindingen. Informeer hiernaar bij uw internetprovider.
Een speciaal apparaat gebruiken U kunt als u een internetverbinding wilt delen, gebruikmaken van een router of van een router met modem (dit wordt ook wel een internetgateway genoemd). Als u een router gebruikt, sluit u deze aan op de modem en op de computer met de internetverbinding of u brengt een verbinding tussen de modem en de router en de computer en de router tot stand en vervolgens controleert u wederom uw internetverbinding. Zie de documentatie bij de router voor instructies over het aansluiten van het apparaat of het tot stand brengen van verbindingen. Als u gebruikmaakt van een router met een modem sluit u deze aan op een computer. Zie de documentatie bij het apparaat voor gedetailleerde instructies.
OpmerkingDe router met modem moet zijn ingeschakeld als u vanaf een van de computers in uw netwerk een internetverbinding tot stand wilt brengen.
Het delen van een internetverbinding instellen Als u een internetverbinding wilt delen, zonder dat u daartoe extra apparatuur moet aanschaffen, kunt u het delen van de internetverbinding instellen op de computer waarop de modem is aangesloten. De desbetreffende computer moet zijn uitgerust met twee netwerkadapters: een netwerkadapter voor de verbinding met de modem en een netwerkadapter voor een verbinding met een andere computer. De functionaliteit voor het delen van internetverbindingen maakt geen onderdeel uit van Windows Vista Starter.
Een verbinding tussen de computers tot stand brengen
Er zijn verscheidene manieren waarop u een verbinding tussen computers tot stand kunt brengen. Op welke wijze deze verbinding wordt geconfigureerd, is afhankelijk van het type netwerkadapters, de modem en de internetverbinding. Een andere factor van belang is of de internetverbinding wel of niet tussen alle computers op het netwerk moet worden gedeeld. In de volgende secties wordt een aantal verbindingsmethoden kort beschreven.
Als u een internetverbinding wilt delen, moet u gebruikmaken van een router. Breng een verbinding tot stand tussen de router en de computer waarop de modem is aangesloten (als u dat nog niet hebt gedaan).
Een Ethernet-netwerk met een bekabelde router en een gedeelde internetverbinding
Als uw huis of kantoor is bekabeld met het oog op het opzetten van een Ethernet-netwerk, plaatst u de computers in vertrekken die zijn voorzien van een of meer aansluitpunten voor Ethernet. Sluit de computers rechtstreeks op deze aansluitpunten aan.
Een Ethernet-netwerk via een ingebouwd Ethernet-systeem
Voor draadloze netwerken voert u de wizard Een draadloze router of een toegangspunt instellen uit op de computer die met de router is verbonden. De wizard begeleidt u stapsgewijs door de procedure voor het aan het netwerk toevoegen van andere computers en apparaten.
Een draadloos netwerk met een gedeelde internetverbinding
Als u een HPNA-netwerk wilt opzetten, moeten de afzonderlijke computers zijn uitgerust met een HPNA-netwerkadapter en elke ruimte waarin computers staan moet zijn voorzien van een aansluitpunt voor een telefoon. Sluit de computers aan op de telefoonaansluitingen. De computers worden automatisch verbonden.
Schakel alle computers en apparaten (zoals printers) in die u in uw netwerk wilt opnemen. Het netwerk is ingesteld en klaar voor gebruik als het desbetreffende netwerk een Ethernet-netwerk of HPNA-netwerk is. Het is raadzaam om uw netwerk te testen (zie hieronder), zodat u kunt controleren of alle computers en apparaten op de juiste wijze zijn verbonden.
De wizard Een draadloze router of een toegangspunt instellen uitvoeren
Als uw netwerk een draadloos netwerk is, voert u de wizard Een draadloze router of een toegangspunt instellen uit op de computer die met de router is verbonden.
•
U opent Een draadloze router of toegangspunt instellen door achtereenvolgens te klikken op de knop Start, op Configuratiescherm, op Netwerk- en Internet-verbindingen en vervolgens op Netwerkcentrum. Klik in het linkerdeelvenster op Verbinding of netwerk instellen en klik vervolgens op Een draadloze router of toegangspunt instellen.
Als u bestanden en printers op uw netwerk wilt delen, moet u ervoor zorgen dat uw type netwerklocatie is ingesteld op Particulier en dat netwerkdetectie, bestandsdeling en printerdeling zijn ingeschakeld. Zie Een netwerklocatie kiezen en Netwerkdetectie in- of uitschakelen.
Uw netwerk testen
Het is raadzaam om uw netwerk te testen, zodat u kunt controleren of alle computers en apparaten op de juiste wijze zijn verbonden en correct werken. Voer op de afzonderlijke computers de volgende procedure uit, zodat u uw netwerk kunt testen: Klik op de knop Start en klik vervolgens op Netwerk. Als het goed is, worden er voor de huidige computer en voor alle andere computers en apparaten die u aan het netwerk hebt toegevoegd afzonderlijke pictogrammen weergegeven. Als op de computer waarop u de verbindingen controleert een printer is aangesloten, wordt het printerpictogram voor deze printer alleen weergegeven wanneer u printerdeling inschakelt. (Printerdeling maakt geen onderdeel uit van Windows Vista Starter.)
OpmerkingHet kan enkele minuten duren voordat computers waarop een eerdere versie van Windows wordt uitgevoerd, worden weergegeven in de map Netwerk.
Een verbinding tot stand brengen tussen een draagbare computer van uw werk en uw thuisnetwerk
Als u via uw thuisnetwerk een verbinding tussen een draagbare computer van uw werk en internet of uw bedrijfsnetwerk tot stand wilt brengen, moet u op uw thuisnetwerk een netwerkverbinding configureren. Zie Schakelen tussen uw thuisnetwerk en het bedrijfsnetwerk voor het gebruik van uw draagbare computer op uw thuisnetwerk.
Een internetverbinding met hoge snelheid. Breedbandverbindingen hebben meestal een doorvoersnelheid van 256 kilobytes per seconde (kBps) of hoger. Voorbeelden van breedbanddiensten zijn DSL- en kabelmodemverbindingen.
Internetverbinding delen (ICS)
__elbasuer__
Internetverbinding delen (ICS)
Een Microsoft Windows-technologie waarmee computers in een netwerk toegang hebben tot online diensten via één enkele internetverbinding.
Router
__elbasuer__
Router
Een apparaat dat gegevens verzendt, of routeert, tussen twee netwerken (bijvoorbeeld tussen een thuisnetwerk en internet). Routers vinden de snelste paden voor het verzenden van gegevens, wat netwerkverbindingen sneller maakt. Routers kunnen bekabeld of draadloos zijn.
Netwerk
__elbasuer__
Netwerk
Een groep computers of andere apparaten, zoals printers en scanners, die met elkaar communiceren op een draadloze manier of met behulp van een fysieke verbinding, zoals een Ethernet-kabel of telefoonlijn.
Ethernet
__elbasuer__
Ethernet
Een netwerkstandaard waarin kabels worden gebruikt om netwerktoegang te verschaffen. Ethernet is de meestgebruikte technologie voor het verbinden van computers.
Modem
__elbasuer__
Modem
Een apparaat waarmee u computergegevens kunt verzenden en ontvangen via een telefoonlijn of via breedbandservices zoals kabel of DSL. Modems worden meestal gebruikt om verbinding te maken met internet.
TCP/IP (Transmission Control Protocol/Internet Protocol)
__elbasuer__
TCP/IP (Transmission Control Protocol/Internet Protocol)
Een set regels, netwerkprotocollen genoemd, waarvan computers gebruikmaken om informatie uit te wisselen via internet en thuis- en bedrijfsnetwerken. TCP/IP bevat standaards voor de manier waarop computers communiceren en conventies voor het verbinden van netwerken.
Internetprovider
__elbasuer__
Internetprovider
Een bedrijf dat internettoegang biedt aan personen of bedrijven. Een internetprovider verstrekt de gebruiker een telefoonnummer, een gebruikersnaam, een wachtwoord en andere verbindingsgegevens, waarmee gebruikers toegang kunnen krijgen tot internet via de computers van de internetprovider. Voor het gebruik van deze verbinding wordt door de internetprovider meestal een maand- of uurtarief in rekening gebracht.
Netwerkadapter
__elbasuer__
Netwerkadapter
Een apparaat dat uw computer met een netwerk verbindt. Ook wel Network Interface Card (NIC) genoemd.
Digital Subscriber Line (DSL)
__elbasuer__
Digital Subscriber Line (DSL)
Een snelle internetverbinding waarbij gebruik wordt gemaakt van standaardtelefoonverbindingen. Dit type verbinding wordt ook wel breedbandverbinding genoemd.
Pictogram
__elbasuer__
Pictogram
Een kleine afbeelding die een bestand, een map, een programma of een ander object of andere functie aangeeft.