NederlandWijzigen|Microsoft.com Home
Windows
 
Aangestuurd door Live Search
 
Windows HomeProductenKopenDownloadsWerken met WindowsHulp en ondersteuning
Windows Hulp en ondersteuning

Een thuisnetwerk instellen

Voordat u begint: Zie De benodigdheden voor het instellen van een thuisnetwerkals u wilt bepalen welk type netwerk u wilt opzetten of als u weten welke hardware en kabels u nodig hebt. Het desbetreffende onderwerp bevat informatie over de verschillende typen netwerken (ook wel netwerktechnologieën genoemd) en over de hardwarevereisten voor de afzonderlijke typen.

Als u eenmaal hebt bepaalt welk type netwerk u wilt gebruiken en als over de benodigde hardware beschikt, kunt u het netwerk opzetten. Dit proces omvat vier stappen (waarvan er twee niet in alle gevallen noodzakelijk zijn):

1.

De benodigde hardware installeren

2.

Een internetverbinding instellen (optioneel)

3.

Een verbinding tot stand brengen tussen de computers

4.

De wizard Een draadloze router of een toegangspunt instellen uitvoeren (alleen voor draadloze netwerken).

Elk van deze stappen wordt verderop in dit artikel uitgebreid besproken.

Stel eerst een computer op de juiste wijze in. Als u het netwerk eenmaal hebt geïnstalleerd en als u zeker weet dat de eerste computer correct werkt, kunt u aanvullende computers of apparaten toevoegen.

OpmerkingDeze informatie is speciaal bedoeld voor mensen die over een breedbandverbinding (meestal een DSL- of een kabelverbinding) met internet beschikken.

De hardware installeren

Installeer de netwerkadapters op de desbetreffende computers. (Volg de installatie-instructies in de documentatie die bij de afzonderlijke netwerkadapters is geleverd.)

Een internetverbinding instellen of controleren (optioneel)

U hoeft als u een netwerk wilt configureren niet over een internetverbinding te beschikken. Het merendeel van de gebruikers geeft er echter de voorkeur aan om het netwerk te gebruiken voor het delen van een internetverbinding. Als u een internetverbinding wilt instellen, moet u over een kabel- of een DSL-modem en een account bij een internetprovider beschikken. Open vervolgens de wizard Verbinding met internet maken en volg de instructies. Zie Wat heb ik nodig om verbinding te maken met internet? voor meer informatie.

Als u reeds over een internetverbinding beschikt, moet u controleren of deze correct werkt. Open hiertoe uw webbrowser en ga naar een website die u normaal gesproken niet bezoekt. (Als u naar een website gaat die u regelmatig bezoekt, zijn de desbetreffende webpagina's mogelijk reeds op uw computer opgeslagen, zodat deze zelfs wanneer er een probleem met de verbinding is toch correct worden weergegeven.) De verbinding werkt correct als de desbetreffende website wordt geopend en als er geen foutberichten worden weergegeven.

Alles weergeven

Een internetverbinding delen

U kunt een internetverbinding ook delen tussen twee of meer netwerkcomputers. U moet hiertoe een speciaal apparaat gebruiken of Internetverbinding delen (ICS) instellen. Uw internetprovider brengt mogelijk extra kosten in rekening voor meervoudige internetverbindingen. Informeer hiernaar bij uw internetprovider.

Een speciaal apparaat gebruiken U kunt als u een internetverbinding wilt delen, gebruikmaken van een router of van een router met modem (dit wordt ook wel een internetgateway genoemd). Als u een router gebruikt, sluit u deze aan op de modem en op de computer met de internetverbinding of u brengt een verbinding tussen de modem en de router en de computer en de router tot stand en vervolgens controleert u wederom uw internetverbinding. Zie de documentatie bij de router voor instructies over het aansluiten van het apparaat of het tot stand brengen van verbindingen. Als u gebruikmaakt van een router met een modem sluit u deze aan op een computer. Zie de documentatie bij het apparaat voor gedetailleerde instructies.

OpmerkingDe router met modem moet zijn ingeschakeld als u vanaf een van de computers in uw netwerk een internetverbinding tot stand wilt brengen.

Het delen van een internetverbinding instellen Als u een internetverbinding wilt delen, zonder dat u daartoe extra apparatuur moet aanschaffen, kunt u het delen van de internetverbinding instellen op de computer waarop de modem is aangesloten. De desbetreffende computer moet zijn uitgerust met twee netwerkadapters: een netwerkadapter voor de verbinding met de modem en een netwerkadapter voor een verbinding met een andere computer. De functionaliteit voor het delen van internetverbindingen maakt geen onderdeel uit van Windows Vista Starter.

Een verbinding tussen de computers tot stand brengen

Er zijn verscheidene manieren waarop u een verbinding tussen computers tot stand kunt brengen. Op welke wijze deze verbinding wordt geconfigureerd, is afhankelijk van het type netwerkadapters, de modem en de internetverbinding. Een andere factor van belang is of de internetverbinding wel of niet tussen alle computers op het netwerk moet worden gedeeld. In de volgende secties wordt een aantal verbindingsmethoden kort beschreven.

Ethernet-netwerken

Als u computers via Ethernet met elkaar wilt verbinden, hebt u een hub, een switch of een router nodig. (Zie Wat is het verschil tussen hubs, switches, routers en toegangspunten? voor meer informatie over elk type hardware.)

Als u een internetverbinding wilt delen, moet u gebruikmaken van een router. Breng een verbinding tot stand tussen de router en de computer waarop de modem is aangesloten (als u dat nog niet hebt gedaan).

Afbeelding van een Ethernet-netwerk met een bekabelde router en een gedeelde internetverbinding
Een Ethernet-netwerk met een bekabelde router en een gedeelde internetverbinding

Als uw huis of kantoor is bekabeld met het oog op het opzetten van een Ethernet-netwerk, plaatst u de computers in vertrekken die zijn voorzien van een of meer aansluitpunten voor Ethernet. Sluit de computers rechtstreeks op deze aansluitpunten aan.

Afbeelding van een Ethernet-netwerk in een huis met een ingebouwd Ethernet-systeem
Een Ethernet-netwerk via een ingebouwd Ethernet-systeem

Draadloze netwerken

Voor draadloze netwerken voert u de wizard Een draadloze router of een toegangspunt instellen uit op de computer die met de router is verbonden. De wizard begeleidt u stapsgewijs door de procedure voor het aan het netwerk toevoegen van andere computers en apparaten.

Afbeelding van een draadloos netwerk met een gedeelde internetverbinding
Een draadloos netwerk met een gedeelde internetverbinding

HPNA-netwerken

Als u een HPNA-netwerk wilt opzetten, moeten de afzonderlijke computers zijn uitgerust met een HPNA-netwerkadapter en elke ruimte waarin computers staan moet zijn voorzien van een aansluitpunt voor een telefoon. Sluit de computers aan op de telefoonaansluitingen. De computers worden automatisch verbonden.

Schakel alle computers en apparaten (zoals printers) in die u in uw netwerk wilt opnemen. Het netwerk is ingesteld en klaar voor gebruik als het desbetreffende netwerk een Ethernet-netwerk of HPNA-netwerk is. Het is raadzaam om uw netwerk te testen (zie hieronder), zodat u kunt controleren of alle computers en apparaten op de juiste wijze zijn verbonden.

De wizard Een draadloze router of een toegangspunt instellen uitvoeren

Als uw netwerk een draadloos netwerk is, voert u de wizard Een draadloze router of een toegangspunt instellen uit op de computer die met de router is verbonden.

U opent Een draadloze router of toegangspunt instellen door achtereenvolgens te klikken op de knop StartAfbeelding van de knop Start, op Configuratiescherm, op Netwerk- en Internet-verbindingen en vervolgens op Netwerkcentrum. Klik in het linkerdeelvenster op Verbinding of netwerk instellen en klik vervolgens op Een draadloze router of toegangspunt instellen.

De wizard begeleidt u stapsgewijs door de procedure voor het aan het netwerk toevoegen van andere computers en apparaten. Zie Een apparaat of computer aan een netwerk toevoegen voor meer informatie.

Delen inschakelen op uw netwerk

Als u bestanden en printers op uw netwerk wilt delen, moet u ervoor zorgen dat uw type netwerklocatie is ingesteld op Particulier en dat netwerkdetectie, bestandsdeling en printerdeling zijn ingeschakeld. Zie Een netwerklocatie kiezen en Netwerkdetectie in- of uitschakelen.

Uw netwerk testen

Het is raadzaam om uw netwerk te testen, zodat u kunt controleren of alle computers en apparaten op de juiste wijze zijn verbonden en correct werken. Voer op de afzonderlijke computers de volgende procedure uit, zodat u uw netwerk kunt testen: Klik op de knop StartAfbeelding van de knop Start en klik vervolgens op Netwerk. Als het goed is, worden er voor de huidige computer en voor alle andere computers en apparaten die u aan het netwerk hebt toegevoegd afzonderlijke pictogrammen weergegeven. Als op de computer waarop u de verbindingen controleert een printer is aangesloten, wordt het printerpictogram voor deze printer alleen weergegeven wanneer u printerdeling inschakelt. (Printerdeling maakt geen onderdeel uit van Windows Vista Starter.)

OpmerkingHet kan enkele minuten duren voordat computers waarop een eerdere versie van Windows wordt uitgevoerd, worden weergegeven in de map Netwerk.

TCP/IP-instellingen wijzigen

Zie TCP/IP-instellingen wijzigen als u TCP/IP-instellingen voor uw netwerk moet wijzigen.

Een verbinding tot stand brengen tussen een draagbare computer van uw werk en uw thuisnetwerk

Als u via uw thuisnetwerk een verbinding tussen een draagbare computer van uw werk en internet of uw bedrijfsnetwerk tot stand wilt brengen, moet u op uw thuisnetwerk een netwerkverbinding configureren. Zie Schakelen tussen uw thuisnetwerk en het bedrijfsnetwerk voor het gebruik van uw draagbare computer op uw thuisnetwerk.



©2008 Microsoft Corporation. Alle rechten voorbehouden.