Wat zijn standaardschijven en dynamische schijven?
Standaardschijven en dynamische schijven zijn twee typen vaste-schijfconfiguraties in Windows. De meeste computers zijn geconfigureerd met standaardschijven, die qua beheer het eenvoudigst zijn. Geavanceerde gebruikers en IT-deskundigen kunnen gebruikmaken van dynamische schijven, die meerdere vaste schijven binnen een computer gebruiken om gegevens te beheren, doorgaans met het doel de prestaties of betrouwbaarheid te verbeteren.
Een standaardschijf kan primaire partities, uitgebreide partities en logische stations bevatten voor het ordenen van gegevens. Een geformatteerde partitie wordt ook wel een volume genoemd (de termen 'volume' en 'partitie' worden vaak door elkaar gebruikt). In deze versie van Windows kunnen standaardschijven vier primaire partities of drie primaire partities en één uitgebreide partitie bevatten. De uitgebreide partitie kan meerdere logische stations bevatten (er worden maximaal 128 logische stations ondersteund). Op een standaardschijf kunnen geen gegevens worden gedeeld door meerdere partities of worden verdeeld over meerdere partities. Elke partitie op een standaardschijf is een afzonderlijke entiteit op de schijf.
Dynamische stations kunnen een groot aantal dynamische volumes bevatten (ongeveer 2000) die als de primaire partities functioneren die op basisstations worden gebruikt. In sommige versies van Windows kunt u afzonderlijke dynamische vaste schijven combineren in één enkel dynamisch volume (spanning genaamd), gegevens tussen verschillende vaste schijven splitsen (striping genaamd) voor hogere prestaties, of gegevens tussen verschillende vaste schijven dupliceren (mirroring genaamd) voor meer betrouwbaarheid.
De edities Windows Vista Ultimate en Windows Vista Enterprise ondersteunen spanning en striping van dynamische stations, maar niet mirroring. (Windows Server 2008 ondersteunt mirroring.) Ga voor meer informatie voor geavanceerde gebruikers naar de website Windows Vista Springboard Resource Guide.
Basisschijf
Een fysieke schijf die toegankelijk is vanuit MS‑DOS en alle op Windows gebaseerde besturingssystemen. Basisschijven kunnen maximaal vier primaire partities bevatten, of drie primaire partities en een uitgebreide partitie met meerdere logische stations.
Volume
Een opslaggebied op een vaste schijf dat is geformatteerd met een bestandssysteem. Aan volumes worden stationsletters toegewezen. Een afzonderlijke vaste schijf kan verschillende volumes bevatten. Sommige volumes kunnen meerdere vaste schijven beslaan.
Uitgebreide partitie
__elbasuer__
Uitgebreide partitie
Een type partitie op een basisschijf dat moet worden gebruikt als u meer dan vier volumes wilt maken. Uitgebreide partities kunnen meerdere logische stations bevatten die kunnen worden geformatteerd en waaraan stationsletters kunnen worden toegewezen.
Logisch station
__elbasuer__
Logisch station
Een volume dat wordt gemaakt op een uitgebreide partitie van een basisschijf. U kunt een logisch station formatteren en er een stationsletter aan toewijzen, maar een logisch station kan niet fungeren als host voor een besturingssysteem.
Primaire partitie
__elbasuer__
Primaire partitie
Een type partitie die wordt gemaakt op standaardschijven en waarop een besturingssysteem en functies kunnen worden geïnstalleerd alsof het een afzonderlijke fysieke schijf betreft. Dit wordt ook wel een volume genoemd. Op een standaardschijf kunnen maximaal vier primaire partities worden gemaakt.
Dynamische schijf
__elbasuer__
Dynamische schijf
Een fysieke vaste schijf geformatteerd voor dynamische opslag, met ondersteuning voor volumes die meerdere schijven kunnen beslaan.